Op de website van de H. Johannes XXIII parochie voor de dorpen van de gemeente Beuningen.

Hier vindt u:

Parochieblad

datum: 2-7-2018

Bertus Visschedijk is in de Heilige mis van zondag 25 februari te Ewijk voor zijn laatste keer als pastoor van de parochie Johannes XXIII voorgegaan.

In de viering stond het evangelie van de Emmaüsgangers centraal.
Dit verhaal heeft voor Bertus speciale betekenis.

Na een kwart eeuw op Borneo gewerkt te hebben en daarna nog eens een kwart eeuw in Ewijk en Winssen breekt voor Bertus een nieuwe tijd aan.
Hij gaat - zoals hij dat zelf noemt - verder als ZZP-er. (Zielzorger Zonder Parochie).
Gelukkig zal hij daarbij toch nog regelmatig blijven voorgaan in de vieringen van Ewijk en Winssen.

Hieronder vindt u de tekst van de overweging die door Bertus Visschedijk tijdens deze viering uitgesproken werd:

Dierbare medemensen, medeparochianen,

Ik ben altijd gefascineerd geweest met het verhaal van die Emmaüs mensen. Het zijn heerlijke mensen en zo gemakkelijk te vergelijken met ons leven en bestaan.

Opvallende figuren zijn het niet geweest. Een van hen wordt met name genoemd, namelijk Kleopas. De naam van de andere wandelaar blijft onbekend, al heeft men natuurlijk allerlei gissingen gemaakt. Een mooie oplossing heeft iemand uit de vorige eeuw bedacht: vul je eigen naam in en wandel mee.

DDeze twee wandelaars zijn in ieder geval levensechte mensen geweest. Ze treden plotseling op in het verrijzenisverhaal en later horen we niets meer van hen. Ze zijn weer verdwenen.

Deze twee wandelaars zijn geweldig teleurgesteld. Dat blijkt wel uit hun woorden, en ook uit het feit dat ze niet meer in Jeruzalem willen blijven, en dus met lood in de schoenen teruggaan naar hun dorp Emmaüs. Toch was er wel alle reden om in Jeruzalem te blijven: het Joodse Paasfeest werd gevierd, de gebeurtenissen rond Jezus hadden veel aandacht, en er waren geruchten van die morgen: het graf van Jezus was leeg. Deze twee mensen behoorden wel niet tot de directe kring van de apostelen, maar wel tot de bredere kring van volgelingen van Jezus.

Toch hadden al deze mensen een prachtige tijd samen gehad. Ze hadden grootse verwachtingen, maar nu was alles ineens voorbij. Diep teleurgesteld dus. Hoe hadden ze zo naïef kunnen zijn met zo'n rabbi? Hoe hadden ze zoveel geloof kunnen gegeven aan het optreden van deze man, die ze zagen als de toekomstige koning van Israël?

En dan nog diezelfde morgen het verhaal van de vrouwen bij het graf: het lichaam van Jezus was verdwenen. Nu was alles radicaal voorbij voor hen. Dus maar terug naar Emmaüs, een illusie armer en een teleurstelling rijker.

Deze twee wandelaars hebben tot op de dag van vandaag vele "collega's":

  • mensen teleurgesteld in idealen en verwachtingen, in hun hoop en liefde, in mensen en meningen, in het instituut van de kerk, in mensen die zich Christenen noemen en niet Christelijk handelen.
  • mensen teleurgesteld, omdat ze het niet meer zien zitten, ze niets begrijpen van het leven en van zichzelf, ze zich dwaas of gek voelen geloof te hechten aan wat hun is geleerd door ouders, onderwijzers en pastoors, of wie dan ook.
  • mensen teleurgesteld in God, geloof en kerk, omdat hun gebeden en verwachtingen niet zijn verhoord.

Zoals Kleopas en zijn onbekende vriend zouden deze mensen ook nu kunnen zeggen: laten we er maar een punt achter zetten.

En onderweg naar Emmaüs wordt er heel wat afgepraat. Ze communiceren met elkaar. De beide wandelaars spraken tezamen onder elkaar, ze laten zich elkaar informeren en corrigeren: men treft elkaar, het isolement is wel doorbroken. Ze waren er nog steeds vol van, van wat er allemaal gebeurd was in de laatste jaren en vooral de laatste dagen: Jezus' optreden in Israël, de laatste dagen van Jezus, zijn gevangenneming, verhoor, lijden, kruisiging, dood, begrafenis, en nu ook de geruchten van het lege graf.

En dan komt daar die vreemdeling, die onbekende. De twee wandelaars merken nauwelijks dat er iemand met mee komt lopen, zo druk zijn ze zelf in gesprek. De vreemdeling hoort het allemaal aan. En die twee wandelaars zijn wel opgelucht dat ze het nu ook kunnen delen met een ander, en dat lucht op. En de vreemdeling neemt nu de leiding en probeert hen te troosten en gaat het gesprek nu beheersen.

We weten allemaal uit het verhaal van Evangelie hoe het afloopt. Die vreemdeling, die medemens is de verrezen Jezus. Tot die ontdekking kwamen ze s ‘avonds bij het avondeten, en toen konden ze hun geluk niet op en renden in het donker terug naar Jeruzalem.

Wat doen we met dit verhaal?

In Indonesië heb ik het bezinningsgebouw waar ik tien jaar heb mogen werken, Huize Emaus genoemd, met de bedoeling dat mensen, die hier een cursus volgden, enthousiast weer terug gingen naar hun eigen kampong, om daar het Blijde Boodschap van het geloof gestalte te geven aan hun dorpsgenoten. En we vroegen ons af: wie wil ik zelf zijn? die onbekende Emmaüsganger of die vreemdeling. Voor beiden was er interesse.

  • Velen voelden zich thuis bij die teleurgestelde Emmaüsgangers die het allemaal niet zagen zitten.
  • Velen voelden zich ook wel die vreemdeling of die medemens die mensen opbeurt en troost.

De laatste 25 jaar hier in het Land van Maas en Waal, en dan vooral in Ewijk en Winssen, heb ik geprobeerd die vreemdeling, die medemens, te zijn voor vele mensen in hun lief en leed. Maar ik voelde me soms ook wel die onbekende Emmaüsganger, die teleurgesteld was in zijn geloof, hoop of verwachting, maar dan ook ondervond ik opbeuring en troost van een vreemdeling, een medemens of medemensen, die me weer enthousiasme gaven om door te gaan. En die vreemdelingen of medemensen, dat waren jullie, parochianen, collega's, bekenden, en ook mijn familie.

Donderdag a.s. (1 Maart) zet ik een punt achter mijn actieve werk als pastor, en daarom wil ik u allen bedanken voor het EMMAÜSGEVOEL, dat ik steeds ervaren heb in mijn werk. Dank u allen dat ik die 'vreemdeling of medemens' mocht zijn voor u, en dat ik ook die teleurgestelde Emmaüsganger mocht zijn, en dat u dan die vreemdeling was voor mij, die mij weer enthousiasme gaf om door te gaan. Dank u allen dat we probeerden om een volkskerk te zijn, samen Gods volk onderweg.

Een kwart eeuw jeugd en studie.
Een kwart eeuw op Borneo.
Een kwart eeuw in het Land van maas en Waal.
lk begin nu aan mijn laatste kwart.

Dank u wel allemaal.