Door: Pieter Oosterhout

Als trotse bakens, parallel aan een machtige rivier, torenen 4 monumentale gebouwen boven het fraaie rivierlandschap uit. Met de stroomrichting mee zien we de H. Andreaskerk gevolgd door de H. Corneliuskerk, de H. Johannes de Doperkerk en stroomafwaarts is de H. Antonius van Padua de laatste in de ketting van vier schakels. In totaal vier bijzondere kerken die onze parochie rijk is. Maar ook vier verschillende gebouwen met specifieke kenmerken. Zo verschillend dat het lastig is om een vergelijk te maken. Toch zijn er ook overeenkomsten. Alle vier hebben een beschermde status als rijksmonument, zijn onderdeel van parochie H. Johannes XXIII, en worden met zorg en liefde onderhouden door veel vrijwilligers. We vinden het vanzelfsprekend dat deze gebouwen er, in een goede staat van onderhoud, staan en dat we ze iedere dag mogen aanschouwen. Voor parochianen is het de plek om samen te komen. Voor de inwoners van een dorp of een willekeurige voorbijganger markeert de kerk(toren) de plek van het centrum. Ook zonder functionerende Tom-Tom wijst de toren je naar de plek van het dorpshart. Maar is dit allemaal (nog) wel zo vanzelfsprekend? Tijden veranderen, leefpatronen en tijdsbesteding worden door de huidige generatie anders ingevuld dan door de vorige en, één ding is zeker, die zal bij de volgende generatie weer anders zijn.

Ruim een eeuw geleden waren Weurt, Beuningen, Ewijk en Winssen 4 kleine dorpen. Heden ten dage zouden we eerder over een gehucht dan over een dorp spreken. Tijden waren anders en de inwoners moesten hard en zwaar werk verrichten om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien. In die periode draaiden de steenovens in de uiterwaarden op volle toeren. Deze stenen zijn onder andere verwerkt in de hierboven genoemde kerkgebouwen. Zo werd In Weurt, in de periode 1895-1898, naar een ontwerp van C. Franssen gebouwd aan een nieuwe kerk. Beuningen, eveneens ontworpen door Fransen, volgde een paar jaar later. Omstreeks 1900-1901 werden de stenen, op vakkundige wijze, samengevoegd. Ewijk volgde weer 15 jaar later. De Johannes de Doperkerk werd naar een ontwerp van Jos Margry gebouwd in de periode 1916-1917. In Winssen ging omstreeks 1940 de schop de grond in. Ir J.C. van Buijtenen en F.J. Vervest uit Eindhoven tekende hier een nieuw kerkgebouw dat in zogenaamde Delftse Schoolstijl werd gebouwd.
We mogen en kunnen deze 4 bijzondere kerkgebouwen, maar ook de bijbehorende pastorieën en overige bijbehorende bouwwerken, nog iedere dag aanschouwen. We vinden dit wellicht vanzelfsprekend maar dat is het zeker niet. Er is (heel) veel geld nodig om dit erfgoed in stand te houden. Omdat het om rijksmonumenten gaat wordt een deel gesubsidieerd. Ondanks deze subsidie betekend het dat de parochie ieder jaar weer flink moet investeren om deze gebouwen in goede conditie te houden. Echter zonder de vrijwilligers, die vol enthousiasme een steen of steentje bijdragen bij het onderhouden van deze 4 pareltjes, overige gebouwen, kerkhoven en tuinen zouden we al lang niet meer van al dit moois kunnen genieten.

Vorig jaar is er een bouwcommissie in het leven geroepen. Peter van Gelder, Gerard Peters, Herman Leenders, Arno Spin, Antoon Fleuren, Jan Roelofs en ikzelf (Pieter Oosterhout) hebben zitting in deze commissie. Kennis en ervaringen worden gedeeld en dit allemaal In een ontspannen ambiance. Een aantal malen per jaar wordt er vergaderd. Het samengaan van de parochies tot een grote parochie gaat natuurlijk niet vanzelf. In het begin is het toch aftasten, de kat uit de boom kijken en het bestaande koesteren. Nu we een poosje verder zijn merk ik in de bouwcommissie dat de fusie hier iets moois brengt. De kennis en kunde, die iedereen heeft meegenomen uit de oude parochies, wordt gedeeld en 1 + 1 + 1 + 1 is hier toch echt meer dan 4. We weten dat we in de komende jaren nog voor grote uitdagingen staan. Hebben we al die stenen nog nodig? Zo ja, dan is het antwoord makkelijk. Maar wat doen we met de stenen die we in de (nabije) toekomst niet meer gebruiken? Hoe onderhouden we al die stenen? Op veel van deze vragen valt nog geen antwoord te geven. Als we naar het verleden kijken dan weten we dat alles constant aan verandering onderhevig is. Dit vraagt om veranderende stenen. Hoe meer betrokkenheid, op welk vlak dan ook, hoe beter we in staat zullen zijn om de stenen op de juiste plek te leggen. Binnen de bouwcommissie zit, letterlijk, heel veel jaar ervaring en ondanks de leeftijd nog heel veel energie!
Om dit verhaal kracht bij te zetten zijn bij dit artikel een 4-tal foto’s geplaatst. Niet van de kerken zoals we ze nu kennen maar van de gebouwen die door de vier huidige kerkgebouwen vervangen zijn. Laten we er met zijn allen voor zorgen dat dit niet het toekomstbeeld is dat van onze 4 pareltjes!

  1. Foto uit 1897. De H. Andreaskerk in aanbouw. De toren van de oude kerk is hier nog zichtbaar.
  2. De middeleeuwse toren van de H. Corneliuskerk is nog zichtbaar. De ouden toren is geïntegreerd in de huidige toren en daarmee, deels, bewaard gebleven.
  3. Voor 1917 werd er in Ewijk in de omstreeks 1745 gebouwde kerkschuur gekerkt. Aan de oostzijde van de toren is dit nog zichtbaar.
  4. De Winssense toren aan de dijk kennen we. In het begin van de vorige eeuw zag het er zo uit.

Bron: “Het Rijk van Nijmegen” westelijk gedeelte door A.G. Schulte